🎧 Beluister de podcast
Duur: 6 minuten
Intro
Welkom bij de LawBot Podcast. Vandaag behandelen we drie interessante civiele zaken van de Nederlandse gerechtshoven. We beginnen met een zaak over iemand die zijn woning verkocht terwijl hij onder invloed was van medicatie en psychische klachten. Daarna kijken we naar een conflict tussen het Leger des Heils en een bewoner die voor overlast zorgde. En tot slot behandelen we een geschil tussen twee broers over hun voormalige gezamenlijke bloemenonderneming.
Zaak 1: Woningverkoop onder invloed van geestelijke stoornis
ECLI: ECLI:NL:GHDHA:2025:1383
Instantie: Gerechtshof Den Haag | Datum: 22 juli 2025
Rechtsgebied: Civiel recht – Verbintenissenrecht
Een man tekende een koopovereenkomst voor de verkoop van zijn woning voor €110.000, terwijl de werkelijke marktwaarde rond de €200.000 lag. De koper kwam vroeg in de ochtend bij hem langs met het koopcontract. De verkoper slikte antidepressiva en slaapmedicatie, waardoor hij 's ochtends erg suf was.
De verkoper had al jaren psychische klachten en stond sinds 2015 onder behandeling. Hij nam dagelijks medicijnen tegen depressie, slapeloosheid en angst. Die medicatie zorgde ervoor dat hij in de ochtend erg suf was, moeite had met concentreren en informatie moeilijk kon verwerken.
De centrale vraag was of de verkoper een beroep kon doen op artikel 3:34 van het Burgerlijk Wetboek. Dit artikel bepaalt dat een rechtshandeling vernietigbaar is als iemand die heeft verricht onder invloed van een geestelijke stoornis. Dan moet worden aangetoond dat de stoornis aanwezig was én dat de wil om de overeenkomst aan te gaan daardoor ontbrak.
Het Gerechtshof Den Haag oordeelde dat de verkoper terecht de koopovereenkomst had vernietigd. De stoornis was voldoende aangetoond via een brief van zijn huisarts. De koopovereenkomst was duidelijk nadelig: de verkoopprijs lag ver onder de marktwaarde. Het hof accepteerde ook niet het verweer van de koper dat hij er gerechtvaardigd op mocht vertrouwen dat de verkoper echt wilde verkopen. De verkoper hoefde de boete van €11.000 niet te betalen.
Zaak 2: Ontruiming na overlast in woonbegeleidingstraject
ECLI: ECLI:NL:GHAMS:2025:1795
Instantie: Gerechtshof Amsterdam | Datum: 22 juli 2025
Rechtsgebied: Civiel recht – Huurrecht
Het Leger des Heils verhuurde een woning aan een man in het kader van woonbegeleiding. Nadat de bewoner herhaaldelijk buren had uitgescholden en bedreigd, wilde het Leger des Heils hem uit de woning zetten. De kantonrechter vond dit niet gerechtvaardigd, maar het gerechtshof dacht daar anders over.
De bewoner huurde sinds 2022 een zelfstandige woning als onderdeel van een begeleidingstraject. Al vroeg werd hij gewaarschuwd wegens het uitschelden en bedreigen van omwonenden. Zijn buurvrouw was zo bang geworden dat ze nauwelijks nog langs zijn woning durfde te lopen. In mei 2024 kreeg hij een laatstekansovereenkomst met extra regels.
Toch ging het mis. In juli 2024 stuurde de bewoner via WhatsApp berichten dat hij zijn buurman “de hals had doorgesneden”. Later bleek dit een grap, maar de dreiging was reëel. In oktober 2024 schold hij dezelfde buurman opnieuw uit en bedreigde hem.
Het Gerechtshof Amsterdam oordeelde dat de overlast ernstig genoeg was om ontruiming te rechtvaardigen. Het hof wees erop dat ook verbale dreigementen van iemand met onbeheersbare woedeaanvallen zeer zorgwekkend zijn. Toch hield het hof rekening met alle belangen: het Leger des Heils zegde toe de bewoner op te vangen in een groepswoning totdat er plek zou zijn in een voorziening voor begeleid wonen. Zo wordt hij niet dakloos en kunnen de buren in rust leven.
Zaak 3: Familieruzie over bloemenkwekersrechten
ECLI: ECLI:NL:GHAMS:2025:1891
Instantie: Gerechtshof Amsterdam | Datum: 22 juli 2025
Rechtsgebied: Civiel recht – Ondernemingsrecht
Twee broers hadden samen een bloemenonderneming met kwekersrechten. Na de splitsing van hun bedrijf ontstond onenigheid over wie recht had op wat. Het ging om tulpenrassen, licentievergoedingen en BTW-teruggaven. Een klassiek verhaal van een familieonderneming die uiteen valt.
Kwekersrechten zijn vergelijkbaar met patenten: als je een nieuw plantenras ontwikkelt, kun je daar exclusieve rechten op krijgen. Anderen moeten dan licentievergoedingen betalen als zij jouw ras willen kweken. Toen de samenwerking eindigde, moesten ook de kwekersrechten worden verdeeld.
Het Gerechtshof Amsterdam oordeelde dat beide vennootschappen medegerechtigd waren tot de kwekersrechten. De ene partij moest haar verplichting om bij verkoop van haar aandeel de helft van de opbrengst te betalen, veiligstellen met een pandrecht. Ook moest er een licentievergoeding worden betaald voor het gebruik van het tulpenras Negrita Double.
Interessant was de sanctie voor het negeren van instructies van het hof. Een van de partijen had geen accountantsopstelling overgelegd zoals gevraagd en had geen overleg gevoerd. Het hof verbond daaraan consequenties: de stellingen van die partij werden niet meegenomen. De moraal: neem instructies van het hof serieus.
Afsluiting
Dat waren de drie zaken van deze week. We zagen hoe het recht bescherming biedt aan mensen die onder invloed van een geestelijke stoornis een nadelige transactie aangaan. We zagen hoe bij woonbegeleiding een balans moet worden gevonden tussen de belangen van de bewoner en die van omwonenden. En we zagen hoe complex het kan worden als een familieonderneming wordt gesplitst. Bedankt voor het luisteren naar de LawBot Podcast!