🎧 Beluister de podcast
Duur: 7 minuten
Intro
Welkom bij de LawBot Podcast, de wekelijkse podcast waarin we interessante uitspraken van Nederlandse gerechtshoven bespreken in begrijpelijk Nederlands. Vandaag behandelen we drie bijzondere civiele zaken: een huurder die een anti-tank-raket afvuurde in zijn woning, een geschil binnen een Vereniging van Eigenaars over de jaarrekening, en een zaak over het recht op inzage in persoonsgegevens onder de AVG.
Zaak 1: Wanneer een anti-tank-raket je huurcontract beëindigt
ECLI: ECLI:NL:GHSHE:2025:2261
Instantie: Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch | Datum: 19 augustus 2025
Rechtsgebied: Civiel recht – Huurrecht
Het klinkt als een scenario uit een actiefilm, maar het gebeurde echt: een huurder vuurde in zijn woonkamer een anti-tank-raket af. De raket vloog dwars door de scheidingsmuur met de buurwoning. Het resultaat: twee zwaar beschadigde woningen, een geschokte buurt, en een woningcorporatie die haar huurder nooit meer terug wil zien.
De huurders, een echtpaar, huurden al jaren een woning van woningcorporatie Woonbedrijf. Op een noodlottige dag kwam een kennis langs met een “groene buis” die hij had gevonden in de berging van een overleden buurman. Nieuwsgierig als ze waren, legden ze het voorwerp op de keukentafel om het te bekijken. De huurder schoof het ding een stukje uit elkaar terwijl hij aan het videobellen was met een kennis, hopend dat die het zou herkennen. Kort daarna volgde een enorme explosie.
De schade was immens: meer dan 185.000 euro. Kozijnen waren uit de gevels geblazen, de woningscheidende muur had een groot gat, en de woning werd onbewoonbaar verklaard.
Juridisch draait de zaak om artikel 7:210 van het Burgerlijk Wetboek. Dit artikel geeft een verhuurder het recht om een huurcontract buitengerechtelijk te ontbinden wanneer een woning onbewoonbaar is geworden door een gebrek. De crux is echter dat dit recht niet geldt als de verhuurder verplicht is het gebrek te herstellen. Die verplichting vervalt weer als het gebrek is veroorzaakt door de huurder zelf.
De kantonrechter had de ontruimingsvordering in kort geding afgewezen. Het hof oordeelt anders en stelt Woonbedrijf in het gelijk. De huurder heeft weliswaar niet bewust de raket willen afvuren, maar door met een onbekend explosief te experimenteren in zijn woonkamer heeft hij wel de schade veroorzaakt. Het hof vindt het belang van de woningcorporatie zwaarder wegen dan het belang van de huurders om terug te keren. De buurt is geschokt, en terugkeer zou de rust niet ten goede komen. De huurders moeten vertrekken en mogen niet terugkeren wanneer de woning is hersteld.
Zaak 2: Ruzie in de VvE: wanneer is een besluit nietig?
ECLI: ECLI:NL:GHARL:2025:7220
Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden | Datum: 17 november 2025
Rechtsgebied: Civiel recht – Appartementsrecht
Wie in een appartementencomplex woont, kent het wel: de jaarlijkse vergadering van de Vereniging van Eigenaars. Meestal verloopt die rustig, maar soms escaleert het. In deze zaak vocht een appartementseigenaar meerdere besluiten van haar VvE aan.
Het gaat om een appartementencomplex met 32 woningen. De eigenaar had bij de kantonrechter verzocht om diverse besluiten van de vergadering te vernietigen of nietig te verklaren. Deze besluiten betroffen onder meer de goedkeuring van de balans en exploitatierekening over 2022, en een besluit over het exploitatieoverschot.
De kantonrechter verklaarde twee besluiten nietig: die over de jaarstukken van 2021. De reden was een procedurele fout: de kascommissie had tijdens de vergadering geen verslag uitgebracht over haar bevindingen, terwijl de wet dat wel voorschrijft. De eigenaar ging in hoger beroep omdat ze ook de besluiten over 2022 nietig wilde hebben.
De centrale juridische vraag is of de nietigheid van besluiten over het ene jaar automatisch doorwerkt naar besluiten over het volgende jaar. En wanneer is een besluit van een VvE eigenlijk nietig of vernietigbaar?
Een besluit is nietig als het in strijd is met de wet of de splitsingsakte. Het is vernietigbaar als er procedurele fouten zijn gemaakt of als het in strijd is met de redelijkheid en billijkheid.
Het hof wijst de vorderingen af. Dat de besluiten over 2021 nietig zijn vanwege een totstandkomingsgebrek, betekent niet automatisch dat de jaarstukken van 2021 inhoudelijk onjuist waren. En dus ook niet dat er niet over 2022 besloten kon worden. Bovendien had de kascommissie over 2022 wél verslag uitgebracht. De eigenaar had onvoldoende concreet gemaakt wat er precies mis zou zijn met de verdeling van kosten. Een algemene klacht dat artikel 23 van de splitsingsakte zou zijn geschonden, is niet genoeg. Je moet precies aangeven wat er fout is gegaan en hoe het anders had gemoeten. Het hoger beroep faalt en de eigenaar moet de proceskosten van de VvE betalen.
Zaak 3: Je persoonsgegevens: wie mag weten wie ze heeft gezien?
ECLI: ECLI:NL:GHARL:2025:7218
Instantie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden | Datum: 17 november 2025
Rechtsgebied: Civiel recht – Privacyrecht (AVG)
In het digitale tijdperk worden onze gegevens continu verzameld en gedeeld. Maar heb je het recht om te weten wie precies jouw gegevens heeft ingezien? Deze zaak gaat over de grenzen van het inzagerecht onder de Algemene Verordening Gegevensbescherming.
Graydon is een bedrijfsinformatiespecialist. Ze verzamelen kredietinformatie over bedrijven en verkopen die aan banken, verzekeraars en andere ondernemingen. Daarbij verwerken ze ook persoonsgegevens van bestuurders, zoals naam en geboortedatum, die ze uit het handelsregister halen.
Een bestuurder van twee vennootschappen vroeg Graydon: aan welke specifieke klanten hebben jullie mijn gegevens verstrekt? Graydon weigerde dat en gaf alleen categorieën van ontvangers op, zoals banken en verzekeraars. De rechtbank gaf de bestuurder gelijk en beval Graydon een volledige lijst te verstrekken.
De juridische vraag is: moet een bedrijf de exacte identiteit van alle ontvangers van persoonsgegevens prijsgeven, of mag het volstaan met categorieën? En wanneer mag een bedrijf informatie weigeren vanwege bedrijfsgeheimen?
Artikel 15 van de AVG geeft burgers in principe het recht om te weten aan wie hun persoonsgegevens zijn verstrekt. Maar artikel 23 AVG en de Nederlandse Uitvoeringswet bieden uitzonderingen, onder meer ter bescherming van rechten en vrijheden van anderen.
Het hof vernietigt de beslissing van de rechtbank. Graydon hoeft de lijst niet te verstrekken. Het hof weegt de belangen af: de persoonsgegevens in kwestie zijn beperkt tot naam en geboortedatum, informatie die sowieso openbaar is via het handelsregister. De Kamer van Koophandel geeft ook niet prijs wie het register heeft geraadpleegd. En Graydon heeft een legitiem belang bij het beschermen van haar klantenlijst als bedrijfsgeheim. Het recht op gegevensbescherming is niet absoluut en moet worden afgewogen tegen andere rechten. In dit geval wegen de bedrijfsbelangen zwaarder.
Afsluiting
Dat waren de drie zaken van deze week. Van exploderende woningen tot vergaderende eigenaren en privacyrechten: het recht raakt ons allemaal. Heeft u vragen of wilt u meer weten over een specifieke uitspraak? De volledige teksten zijn te vinden op rechtspraak.nl. Bedankt voor het luisteren en tot volgende week!